Algemene fysiotherapie is te verdelen in drie hoofdstromingen:

1. Oefentherapie, met een lenigmakend, spierversterkend, ontspannend, activerend of houdingscorrigerend doel. Met oefentherapie kan de lenigheid, de kracht, het uithoudingsvermogen, de coördinatie of het evenwicht, alsmede de snelheid van bewegen worden verbeterd.

2. Massage, klassiek of segmentaal, met een pijnstillend, ontspannend, mobiliserend of stimulerend doel.

3. Fysiotechniek, een behandelmethode waarbij gebruik wordt gemaakt van apparatuur, waarbij d.m.v. warmte, ultrageluid, vormen van zwakstroom zoals TENS (zie hier) een doorbloedingverbeterend, pijnstillend, stimulerend en ontspannend effect wordt beoogd.